Skip navigation

de modeweken (9): Nica in Parijs

00060m.jpg

Het regent pijpenstelen wanneer we ons, dinsdagnamiddag, naar de Couvent des Cordeliers in de Rue de l’Ecole de médecine reppen voor het défilé van Ann Demeulemeester. De ontwerpster draait al 21 jaar mee in de modewereld en – blijkens de alweer fantastische show – haar werk heeft nog steeds niets aan kracht en schoonheid ingeboet. Geen grote gebaren of opzichtige gadgets bij Demeulemeester, maar een uitgebalanceerd, consistent modebeeld dat, hoe raar dat ook mag klinken, nooit uit de mode geraakt. Stukken uit de eerste collecties laten zich nog altijd moeiteloos combineren met kleren van recentere datum. Geen bombast maar ingetogen klasse…

Op de eerst rij van de voormalige kloosterzaal zitten de vader en moeder van Ann. Beiden zijn van kop tot teen in Demeulemeester gestoken en het staat hen wonderwel. Dit moet de 41ste schow zijn waarvoor ze naar Parijs komen, want ze willen alle (vrouwen-)défilés van hun beroemde dochter bijwonen.
Onder begeleiding van pianomuziek en het gezang van PJ Harvey stappen de eerste modellen – op zwar(t)e rijglaarzen – de zaal in. Traditiegetrouw lopen ook enkele mannen mee.

De wenkbrauwen zijn aangezet, boven een bleek gezicht, de lippen blijven neutraal. “Ik wou de modellen een typische winterlook meegeven”, vertelt make-up artiest Rudy Cremers die al jaren voor Demeulemeester werkt, na afloop. Het lange haar van de meisjes (en jongens) wordt bedekt door een zwarte, vilten hoed waarop stroken (vals?) haar werden aangebracht. Het geheel – en de ietwat sjofele stijl – oogt dramatisch en een beetje Dickens.

We zien prachtige bordeauxkleurige en paarse, gedrapeerde vesten in een glanzend, niet nader te omschrijven, materiaal. (Rib-)fluwelen, gebloemde (zijn het de hortensia’s waar Demeulemeester zo gek van is?), jasjes boven dito smalle broeken. Paarse sjaals van – onbewerkt – lam, uniformjasjes met een wafelmotiefje in zwart, wit en taupe…

Geen jurken bij Demeulemeester, wel korte rokjes en losvallende tunieken boven smalle broeken. “De collectie gaat over het begrip movement”, zegt een opvallend ontspannen Ann wanneer we haar na de show backstage opzoeken, “Over de beweging van de materialen. We hebben stoffen laten ontwikkelen die vederlicht zijn en waarvan de haartjes bewegen wanneer je er mee stapt. Ziet er zwaar uit als bont, maar het is zijde met losgeknipte draden.

Die lichtheid en beweging zit ook in de drapages en de ‘gebasculeerde’ vesten. De kleren worden ‘gecontrabalanceerd’ door iets sterks: want de meisjes – wij noemen ze Demeulemeesterengelen – staan op stevige boots, met beide voeten op de grond.” In tegenstelling tot vorige collecties liet Demeulemeester zich niet door een personage of bepaalde tijd inspireren. “Het was me om de spanning tussen sferen te doen, tussen het reële en het irrëele”, besluit ze, “Ik wou een soort irreële verwarring creëren.” Verwarrend en toch consistent. Dezelfde contradictie waarmee ook die andere, vrouwelijke ontwerpers (AF, Leroy…) – en met hen alle èchte vrouwen -worstelen.

Nica Broucke

Plaats een reactie

Required fields are marked *
*
*

%d bloggers op de volgende wijze: